Zo bereken je hoeveel tegels je nodig hebt
- Bereken het oppervlak: lengte × breedte in meters. Bij een wand neem je breedte × hoogte en trek je ramen en deuren af.
- Bereken het oppervlak van één tegel in m²: lengte × breedte in centimeters ÷ 10.000.
- Tel het snijverlies erbij op, deel door het oppervlak van één tegel en rond altijd naar boven af.
Voorbeeld: een badkamervloer van 3 × 2,5 m met tegels van 60 × 30 cm en 10% snijverlies.
Oppervlak: 7,5 m². Met snijverlies: 8,25 m². Eén tegel is 0,18 m². 8,25 ÷ 0,18 = 45,8, dus 46 tegels. Bij 8 tegels per doos heb je 6 dozen nodig.
Hoeveel snijverlies moet ik rekenen?
- 5–10% bij recht leggen in een rechthoekige ruimte
- 10–15% bij veel hoeken, nissen, leidingen of halfsteens leggen
- 15% of meer bij diagonaal leggen of grote formaten
Koop liever een doos extra. Tegels uit een latere productie kunnen net iets anders van kleur zijn, en een paar reservetegels zijn handig als er later eentje breekt.
En de voegen?
Voegen zijn maar een paar millimeter breed en maken het aantal tegels nauwelijks kleiner. De rekenhulp laat ze daarom buiten beschouwing; het snijverlies vangt dat kleine verschil ruim op.